Een nieuwe maand, een nieuwe verhaal.

Beste lezer,

In de ban van de stierEen nieuwe verhaal

Dit is geen waarschuwing. Ik ben echt niet van plan om elke maand een nieuw verhaal te schrijven. Nou ja, misschien ooit, als ik niet meer hoef te werken. Voorlopig zit dat er niet in, tenzij iemand opeens het briljante idee krijgt om “In de ban van de stier” te verfilmen en ik binnenloop met de opbrengsten.

Afgelopen maand heb ik een aantal brokken tekst geproduceerd die in het begin bedoeld waren een verhaal te vormen. Dat is perfect mislukt. Ik had van alles in de planning, zaken uitgezocht, noem maar op, en die tijd had ik me kunnen besparen. Dat werkt voor mij niet.

Waarom dan toch geprobeerd?

Waarom heb ik dat dan geprobeerd, vraag je je waarschijnlijk af. Dat komt omdat ik steeds meer schrijvers leer kennen bij wie het wel werkt en ik ben dan iemand die denkt: als zij dat kunnen dan kan ik dat ook.

Nou, mooi niet dus. Ik kan dat niet. Ik geef het toe en ik ga het denk ik ook nooit meer proberen. Denk ik. 🙂

Sinds een paar dagen zweeft er een iets in mijn hoofd rond. Dat soort ietsen is erg gevaarlijk want dat betekent vaak dat er een verhaal aan het uitkomen is, alsof er een zaadje genoeg van heeft om daar stil een paar rondjes te kiemen. Het zou zomaar kunnen dat het buitenaardse ras dat ik bedacht heb voor november in dat verhaal terecht komt. Maar misschien ook niet. Daar leg ik me niet op vast want dat is plannen en, zoals we hebben gezien, kan ik dat dus niet.

Wat ik wel kan is driftig aan het schrijven gaan. En dat is dus gebeurd. Het begin wat ik heb ziet er zo uit:

windmolen uden
Windmolen in Uden, N.Br.

Hoofdstuk 1. De molen.

“Hou maar op. Dat is genoeg.” Gerda keek Mischa aan die te enthousiast bezig was zichzelf met pas gemalen meel te bestrooien. “Je moet dat er straks toch weer afwassen.”

Yigit grinnikte. “Hij heeft meer nodig met z’n bleke kop. Anders zie je het niet.”

Mischa gooide driftig een handvol meel naar de Turkse man van zijn team. “Bek houden. Het was heftig vannacht, ik ben hartstikke kapot.” Hij klonk geïrriteerd. “Waar zijn Ashna en Rob?” Een explosieve nies ontsnapte aan Mischa. Hij had toch teveel meel gebruikt.

Gerda haalde haar schouders op. “Misschien moeten ze een omweg nemen. De afspraak was om niet op elkaar te wachten dus vertrekken we nu.” Ze liep naar de deur en tikte de code in. Het slot klikte. “Komen jullie nog?”

 

Voor er vragen komen: Yigit is een Turkse voornaam en Ashna een Surinaams/Hindoestaanse. Inderdaad, dit gaat iets worden waarin meerdere culturen samen een opdracht te verwerken hebben. Hoeveel er nog bij komen weet ik niet. Daarvan staat niets in de planning!

En dat van november dan?

Zullen we het daar niet meer over hebben?

Goed zo. Fijne dag!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *